Zij zit als een vogel

Lieve mensen van God,

Het is helemaal niet gebruikelijk om tijdens een paaswake te preken.
De aanleiding voor deze korte overweging is geleden in het feit dat
Loes tijdens de voorbereiding voorstelde een pinksterlied te zingen.

In dat lied stelt John Bell de Geest voor als een vogel. Dat is op zich
een bekend beeld. De Geest wordt immers heel vaak voorgesteld
als een duif. Maar in dit lied is het een vogel die broedt op het water.

Wat lazen we vannacht? De aarde was nog woest en doods, en duisternis lag
over de oervloed; Gods geest zweeft boven het water.
De Geest broedt op doodswater van de oervloed…
wachtend op woorden… wachtend tot zij baren mag. 
Die woorden klinken:
God riep: Licht! En er was licht. – scheiding tussen licht en donker
God riep: Land! En er was land. –  Het water breekt: vaste grond.
Aarde gebaard… Het leven barst los.
God ziet dat het goed is…

Wat lazen we vannacht?
De HEER liet de zee terugwijken door gedurende de hele nacht een krachtige oostenwind te laten waaien. Wind – Gods adem – De Geest…
In het Hebreeuws: Eén woord: Roeach …
Waar die Roeach waait
breekt het doodswater van de rietzee
Het Godsvolk wordt geboren!
Het leven barst los..
Op naar veelbelovend land

Wat lazen we vannacht?
Het woord dat voortkomt uit mijn mond – spreekt de Heer – keert niet vruchteloos naar mij terug.
Gods scheppende woorden, zijn geen loze woorden.
Gods bevrijdend Woord kletst niet in de ruimte…
Gods Woorden dansen in de vuurkolom, die de weg wijst door de nacht.
Gods Geest maakt tongen los: zingende mensen op de andere oever!
Gods Geest bekeert, inspireert en niets brengt haar tot zwijgen.
Jesaja ziet de ballingen keren… ze keren in stoeten
er is eten en drinken in overvloed…
God ziet dat het goed is.

Hoe zitten wij hier, in deze nacht?
Waar zijn u en ik gebleven?
Wij, volgelingen die in slaap vielen in Getsémané?
Wij, die er – met de beste bedoelingen – een puinhoop van maken
Wij die na drie keer… de haan horen kraaien?
Wij die bevrijdende woorden vergeten
Wij die op ons dood zijn…
als was de zee niet gespleten
als zou die oervloed nog woest en ledig zijn
als zou die duisternis nog boven dat water hangen
als zou die vogel – broedend op het water – niet hebben gebaard.

Wat lazen we vannacht?
Toen herinnerden de vrouwen zich zijn woorden. 
Ze keerden terug van het graf en gingen aan de elf en
aan alle anderen vertellen wat er was gebeurd…..

Twee vreemde vogels in blinkend witte kleren hebben die scheppende en bevrijdende woorden opnieuw doen klinken…
Op de derde dag baart Gods Geest…
Het leven barst los…

Volgelingen overwinnen hun doodsangst
gaan kopje onder in het water – en kijk de doodszee splijt
Volgelingen worden gedoopt als ze nog klein zijn
Weet je nog Max, jaren geleden,
in de kerk van Warder…

Nee Max weet niet dat Ds. Sylvestre Hakizimana hem aan zijn hart drukte…
Liselotte weet vast niet meer dat zij toen het water in de doopvont goot
Max weet niet meer dat Ds. Klaas Goverts hem doopte…

Zulks wordt vergeten, tenzij… we elkaar verhalen vertellen
tenzij we onze doop zo af en toe gedenken…
en de kerk doet dat in de paasnacht.
Amen.