DE PREEK VAN SYLVESTRE HAKIZIMANA 

 

WITH MAMMON WE CAN MAKE FRIENDS
AND EXTEND THE KINGDOM OF GOD.


Met Mammon kunnen we vriendschap sluiten
EN het Koninkrijk Gods uitbreiden.


Lieve mensen van God,
Jezus zegt: Ik zeg jullie, maak vrienden met de valse mammon, opdat jullie in de eeuwige tenten worden opgenomen, wanneer de mammon er niet meer is. Lucas 16 : 9

Onze Heer, Jezus Christus, heeft de prachtige gelijkenis van de verloren zoon zojuist beëindigd. Die was gericht tot degenen die mopperden over het feit dat Jezus met tollenaren en zondaren omgaat.
Daarna richt hij zich tot de kinderen Gods. Hij zegt tegen zijn discipelen:

Er was eens een rijk man, die een rentmeester had en te horen kreeg dat die rentmeester zijn eigendommen verkwistte. De rijke man riep de rentmeester bij zich en zei tegen hem: Wat hoor ik over jou?
Leg verantwoording af van je beheer, want je kunt niet langer rentmeester blijven.
Vervolgens vertelt Jezus wat de rentmeester doet om zichzelf in te dekken, voor het geval hij tot armoe vervalt. Wij zouden zeggen: Hij pleegt valsheid in geschrifte. Hij verlaagt alle bedragen op de schuldbrieven.  

De Heer roept de onrechtvaardige rentmeester bij zich en prijst hem om die tijdige voorzorgsmaatregelen. Jezus bevestigt de rentmeester en zegt: De kinderen van de wereld gaan slimmer met elkaar om dan de kinderen van het licht.

Dat de kinderen van de wereld gaan consistent hun eigen gang; ze zijn trouw aan de door hen erkende principes, ze gaan recht op hun doel af.
Ze zijn in het volgen van HUN principes heel consequent
veel meer consequent, dan degenen die het licht van Gods heerlijkheid hebben herkend in het gelaat van Jezus Christus.

Jezus Christus is de enige verwekte zoon van God, de Schepper,
Heer en bezitter van hemel en aarde, en alles wat daar in is.
Hij is de rechter van allen, voor wie wij rekenschap moeten afleggen van ons rentmeesterschap, op het moment dat we niet langer rentmeester kunnen zijn.

Ja, zelfs van een onrechtvaardige rentmeester kun je nog best wat leren.
Sluit vriendschap met de mammon van de ongerechtigheid,
door tijdig wijze voorzorgsmaatregelen te nemen.

Mammon betekent rijkdom of geld. De term ‘mammon van de ongerechtigheid” slaat  niet zozeer op een persoon, als wel op de onrechtvaardige manier waarop mensen vaak aan geld komen.
De term Mammon van de ongerechtigheid slaat ook op de manier waarop zelfs eerlijk verdiend geld vaak wordt gebruikt.
Hoe kun je daar dan vriendschap mee sluiten? 
Door waar mogelijk goed te doen, speciaal voor de kinderen Gods,
of te wel… je medegelovigen.
Dat zijn jouw voorzorgsmaatregelen voor het moment dat het misgaat –
voor het moment dat je tot stof wederkeert en er voor jou geen plaats meer is onder de zon. En waartoe dienen die voorzorgsmaatregelen?
Die dienen ertoe om tegen die tijd ontvangen te worden door hen die ons zijn voorgegaan, dat zij je verwelkomen in het huis met de vele woningen. The everlasting habitations.

Maar Jezus zei toch ook: Je kunt niet God dienen en de mammon.(Mattheus 6:24). John Edmond Haggai definieert zijn boek het begrip MAMMON als iets dat rijkdom en materiele bezittingen aanduidt. Het gaat niet om een bepaalde hoeveelheid, maar meer om het feit dat het bestaat. Volgens Jezus is mammon iets waarover mensen zich absoluut geen zorgen moeten maken, waar ze niet door geobsedeerd moeten raken. In plaats daarvan zou een Christen eerst het koninkrijk Gods en zijn gerechtigheid moeten zoeken en al die andere dingen zullen dan worden toegevoegd. (Mattheus 6:33)

Als Jezus zegt dat we niet God en mammon kunnen zien, bedoelt hij niet dat geld en rijkdom in zichzelf slecht zijn. Nee, Mammon – materiele zaken kunnen een werktuig zijn om de  hoogste en meest eervolle doelen te bereiken. Maar je kunt ook laaghartig met geld omgaan, op een maier die alleen maar narigheid en pijn veroorzaakt.

Religieuze leiders of het nou pastores, imams of rabbijnen zijn,  vinden vaak dat God zou moeten zorgen voor opwekking of opleving van het geloof. Ze benadrukken dan vaak de noodzaak van gebed.
Maar als die leiders niet eerlijk zijn tegenover God, als het gaat om geld,
zijn hun gebeden evenzovele oefeningen in hypocrisie en ijdelheid.
Een geest van bezorgdheid en begeerte, maakt gebeden tot spotternij.
God wil dat wij, ten opzichte van bezittingen, leven vanuit het GEEF principe.
Je kunt wel beweren dat je begaan bent met de vele miljoenen armen in de wereld. Je kunt wel bidden voor hun redding, maar als je geen geld ter beschikking stelt om Gods goede nieuws te brengen aan die mensen, dan bid je met holle woorden, zei John Edmund Haggai , de schrijver van het boek: “Lead on!”

John Wesley publiceerde een boek over: Hoe gebruik ik mijn geld.
Van hem leerde ik drie dingen, die ik probeer handen het voeten te geven in mijn pastorale praktijk. Ik deel, als ik preek over het onderwerp “geld”, met mijn kerkgangers die drie principes en probeer ze te plaatsen in de context van de cultuur in mijn land.
 

Het eerste van die drie principes is “Verdien zoveel geld als je kan.”
Dat klinkt heel seculier. Het zij zo! Maar het moet worden gezegd,
want in Afrika laten zijn heel wat mensen, die de hele dag niets doen
terwijl ze zouden moeten werken, om te iets te eten te krijgen.
De apostel Paulus vermaant in zijn brief aan de Thessalonicenzen
de mensen om te gaan werken: Wie niet werkt zal ook niet eten!

We moeten aan het werk en zoveel verdienen als we kunnen, zonder ons lichaam en onze geest  geweld aan te doen. We moeten – wat er ook gebeurt – de juiste spirit bewaren; een gezonde mindset.
We moeten niet meedoen met zondige handel, die ingaat tegen Gods wetten. Niet meedoen met zaken ingaan tegen de regels van ons land.
We moeten vergaren wat we kunnen, zonder onze naaste schade te berokkenen. Dat zal ook gebeuren als we ons houden aan Gods wet:
Heb je naaste lief als jezelf. Hoe zou je ooit iemand geweld aan kunnen doen, als we de ander liefhebben als onszelf.  

Lieve broeders en zusters in de Heer: Vergaar wat je kan. Gebruik je gezond verstand. Het is wonderlijk te zien hoe weinig mensen bij het zaken doen, gebruik maken van de intellectuele gaven die God hen gegeven heeft. Vooral in Afrika.

Het is een schande als christenen niet beter te worden in wat ze ter hand hebben genomen. We zouden toch constant moeten leren van ervaringen, om alles wat we doen moeten vandaag beter te doen dan gisteren. We zouden ervoor moeten zorgen dat we in praktijk brengen wat we hebben geleerd, dat we het beste maken van alles wat we bedenken.


Als we hebben vergaard wat we kunnen, treedt het twee principe aan de dag: Spaar, zoveel je kunt. Het is niet eenvoudig om over dat principe te spreken in Afrika. Mensen zullen zeggen: Hoe kan ik nou sparen, als ik niets te eten heb; als ik geen geld heb om mijn kinderen naar school te laten gaan?
In mijn gemeente zijn de mensen – vooral de vrouwen – dol op nieuwe kleren. Ik vermaan ze om de aankoop van nieuwe kleren te plannen en impulsaankopen te vermijden. In plaats van nieuwe kleren te kopen, die eigenlijk niet nodig zijn, raad ik hen aan geld te sparen. Ik vermaan hen dus om, als ze naar de markt gaan, een boodschappenlijstje mee te nemen en niets te kopen dan wat daar opstaat, om geld te besparen. Koop wat nodig is voor jezelf en je gezin en bespaar geld dat je vervolgens kunt gebruiken, om anderen te helpen. Er zijn veel dingen die in de Europese context onnodig zijn, maar die in Afrika wel heel erg nodig zijn.

Als we hebben vergaard en gespaard wat we kunnen houdt het niet op, want het derde principe is: Geef wat je kan! Als je daadwerkelijk vriendschap sluit met de mammon van de ongerechtigheid – voeg dan in elk geval dit derde principe toe aan de eerste twee. God heeft je niet in de wereld heeft geplaatst als bezitter, maar als rentmeester.
God heeft je voor een bepaalde tijd verschillende goederen toevertrouwd. Maar het echte bezit berust bij Hem en kan niet van Hem worden vervreemd.

Ook jij bent niet van jezelf… maar van Hem. Zo is dat ook met alles, waar je van geniet. Zo zijn ook ziel en lichaam niet van onszelf, maar van God. Dat geldt zeker voor de stoffelijke dingen. Hij heeft klip en klaar gemaakt, hoe je die in zijn dienst kunt gebruiken: Het mag zijn een heilig offer, aanvaardbaar in Christus’ ogen.


Als je een trouwe en wijze rentmeester wilt zijn, realiseer je je telkens weer dat God je die bezittingen in handen heeft gelegd, dat hij die altijd weer terug kan nemen als Hij dat nodig vindt. Je hebt  ze gekregen om er goed mee te doen.

Zorg dan voor wat je nodig hebt voor jezelf: voedsel, kleding, en alles wat nodig is om je lichaam gezond en sterk te houden. Zorg voor je gezin, voor je bedienden, en voor iedereen die verder tot je huishouding behoort. Als dat allemaal geregeld is en je hebt nog over, doe dan goed aan allen die behoren tot het huisgezin des Heren. Als er dan nog meer over is doe goed aan alle mensen. Zodoende geef je alles wat je kunt, nee beter gezegd:… alles wat je hebt.

Ik heb ervaring opgedaan met deze drie principes en heb vooruitgang  gezien in mijn pastorale werk. Ik probeerde op een eerlijke manier te vergaren en te sparen wat ik kan. Ik en velen met mij in de gemeente geven de Bijbelse tienden aan de kerk.

60% van de bevolking van mijn land is jong. Velen van hen hebben geen baan. Ik zie een centrum voor me, een school, waar jonge mensen uit mijn geboorte-streek, die geen voortgezet onderwijs kunnen volgen, getraind zullen worden in verschillende ambachten – Denk maar aan technisch onderwijs.
Iemand schonk een stuk grond aan Hope Family Ministries, om die droom te kunnen realiseren. HFM is bezig zo’n multifunctioneel centrum te bouwen op dat stuk grond.

Tot slot,
Ik hoop dat u hebt begrepen wat het betekent vriendschap te sluiten met de mammon van de onrechtvaardigheid. Ik hoop dat u begrijpt welke vruchten u daarvan kunt plukken:
Die vrucht is: ontvangen worden in de eeuwige woningen.

Vergaar wat je kunt, zonder jezelf of een ander in welke zin dan ook geweld aan te doen. Vergaat wat kunt met ononderbroken ijver, en met al het gezond verstand dat God je gegeven heeft. Houd je aan zijn wetten.

Spaar wat je kan door elke dwaze, onnodige uitgave te vermijden Geef geen geld; omdat het oog ook wat wil, of omdat je trots wilt showen hoe goed het met je gaat.
Geef wat je kan… of met andere woorden: Geef alles wat hebt aan GOD.

May the Lord Jesus Christ, the source of all things bless you.
Moge de Heer Jezus Christus, de bron van alle dingen,
u zegenen. Amen