Geuren en kleuren

Op de poster voor deze bijeenkomst van  “de engel” staat een kleurrijke ruiker.
Zo’n ruiker vertelt een verhaal. Dit keer een blij verhaal,  verteld in uitbundige  kleuren.

Ruikers vertellen heel verschillende verhalen. Soms zijn die verhalen vol van verdriet, vertolkt in een ingetogen kleur. De bloemen zijn dan veelal wit. 
 

Ruikers vertellen verhalen en verhalen zijn als zo’n ruiker. Ze worden verteld in geuren en kleuren

Geuren en kleuren –  vaak onbewust verkregen informatie.  Witte bloemen  – zonder geur of kleur –
“Voor al uw grafwerk”– adverteert de bloemist.

Een kleurrijk boeket…  bont met rood voor de liefde en groen voor de hoop,  blauw voor de hemel, Maria, Europa en PEC-Zwolle. En geuren … hebben die ook een betekenis?

Wij hebben een hond – een herder – een Duitse – een langhaar – Hij heet Baggus.
We maken elke avond een ommetje, voor ik zijn naamgenoot een offer breng.
Ook zijn slaapmutsje heeft een rijk bouquet. Met zijn grote neus geniet
hij intens en eindeloos van de geuren, die soortgenoten aan een enkel takje achterlieten.


Zijn staart kwispelt. Ik vraag: “Ruik je nu die teckel van de hoek of dat bastaardhondje van de buurman?
Antwoord krijg ik niet, maar de herder snuffelt voort met eindeloos diepgaande aandacht voor wat zijn reukorgaan hem meldt. Fantaseert hij nu over die geleidehond in opleiding op’t grasveld in het park? 
Staat hij daar smoorverliefd te zwijmelen bij de geur van een loops teefje? 
Onwetend wacht ik – bij droog weer respectvol – tot hij klaar is.  Zoals je een joodse jongen niet stoort bij de studie van Thora,  gun ik hem graag het intense geurgebeuren op die tak.

Ik leef in een wereld van vormen, geluiden en kleuren. Zijn omgeving bestaat uit vormen, geluiden en heel intense geuren. Soms vervult zijn grote neus me met compassie. Stel je voor dat elke geur honderd keer sterker bij je binnenkomt dan je nu gewend bent.  Dat moet op bepaalde momenten vreselijk zijn, toch?
Er staat pens te ontdooien.  Mijn neus zegt dan”dat er sprake is van bederf. Baggus loopt het water in de mond… eruit zelfs.  

Baggus geniet met volle teugen als hij zich letterlijk met lijf en leden wentelt in de rottende resten van een vis, die op het droge is geraakt. In mijn gemopper op het stomme dier, klinkt de hoogmoed  van de mens die zijn eigen geurbeleving tot zaligmakend verheft. Trouwens ook de gedachte dat de geuren van het takje ook voor hem verbonden zouden zijn met min of meer aantrekkelijke  soortgenoten,is gebaseerd
op de vooronderstelling  dat je menselijke ervaringen zomaar kunt verbreden tot het hele rijk der gewervelde dieren.  Een fout, die onder dierenliefhebbers veel wordt gemaakt.


In het menselijk brein verbinden geuren zich met belevenissen. Die ervaringen geven betekenis aan geuren. Ik vertel u zo’n ervaring .  Een klein verhaal. Een herinnering aan mijn kinderjaren.
Net als andere kinderen ging ik op mijn vierde naar de kleuterschool. Dat was bepaald geen hemel op aarde.  In de banketbakkerij, waar ik tot dan toe “werkte,” kreeg ik veel meer aandacht van grote mensen
dan ik op die school ooit zou ontvangen. Bakblikken smeren met zo’n mooie  witte muts op, was veel
interessanter dan een vuwblaadje verdelen in 16 vierkantjes,  vond ik. Bovendien kreeg je op die school  nooit eens – zomaar spontaan  een toef slagroom op je hand
om lekker weg  te likken. 
 

Er was daar een grote zandbak…  maar die rook zo hier en daar naar de katten. De geuren waren daar zo ontzettend veel minder fijn dan die van vers brood of banket dat net uit de oven komt. Kortom er is een tijd geweest dat ik met frisse tegenzin naar school ging.
  Het begon al’s morgen vroeg, vlal voor ik die kleuterschool bereikte. Dat instituut was gevestigd aan de Bleekerstraat in het Zeeuwse Goes. Bleekers waren er niet meer, maar wel een wasserij,  “De Zon” genaamd. Op weg naar school moesten we daar langs. In dat straatje – het had ook best Bleekerssteeg kunnen heten – hing altijd de doordringend weeïge geur van nat beddengoed, dat met diverse chloorhoudende chemicaliën werd witgewassen, zonder dat de F.I.O.D. daar ook maar een moment naar omkeek.  Die geur verbond zich in mijn vierjarig brein met het  fenomeen kleuterschool. Ik word er nog depressief als ik een wasserij ruik. Pas als ik me realiseer dat ik niet meer via de Bleekerstraat naar de kleuterschool toe hoef, verdwijnt dat nare gevoel, zij het langzaam.

Het omgekeerde is ook waar. Fiets ik hier, ruim  60 jaar later en inmiddels in Hoorn beland, over de Koepoortsweg dan wordt ik halverwege zomaar vrolijk.  Twee dingen dringen tot me door…
1. de geur van vers brood vanuit bakkerij Otten…
2. Het feit dat ik in de jaren voor de kleuterschool, intens gelukkig was.

Waar geuren al niet goed voor zijn, want de meeste mensen herinneren zich bar weinig uit die allereerste jaren.

Bij het maken van deze column ontdekte ik dat ik allerlei ontwikkelingen in mijn leven niet alleen in kleuren, maar ook in geuren kan vertellen. Zo was de geur van wierrook gedurende mijn opvoeding verbonden  met de paapse mis; die ik – op zijn Heidelbergs – mocht leren waarderen als “ene vervloekte afgoderij.”  Ja, de gereformeerde bond van opa’s  dorp galmde nog lang na…Die supercalvinisten wentelen zich tot op vandaag in de 16-de eeuwse geuren van de Heidelbergse Catechismus en de formulieren van onenigheid, die m.i. al heel lang over de datum zijn.

De warme vriendschap met de plaatselijke kapelaan en het feit dat ik 10 jaar deel mocht uitmaken van een Brabantse dorpsgemeenschap, hebben de geur van wierrook volkomen veranderd. Voor mij ruikt wierrook inmiddels naar een heerlijk soort carnaval, waar de journalistiek van boven de rivieren, zeer ten onrechte
vaak veel te laatdunkend over doet.

Voor mij ruikt wierrook inmiddels naar een bloemencorso dat zijn weerga in Europa niet kent en door alle
mensen van alle buurtschappen in dat dorp wordt gedragen. Samen leven, heet dat. Ik was ooit school-hoofd in Zundert.
  
Voor mij ruikt wierrook inmiddels naar een parochie die me welkom heette in een fantastisch jongerenkoor en aan de tafel van de Heer. Dat koor deed in het corsoweekend een oproep:
Zundert, stad van de bleomen, laat niet verwelken wat mensen doet leven. 
 
Voor mij ruikt wierrook inmiddels naar eerste communievieringen die ik samen met de ouders van de tweede klassers van onze oecumenische school mocht vormgeven. Prachtige ervaringen, die niemand me
meer afneemt. Wierrook – HEERlijk  Punt – uit!

Ik weet het – dit verhaal zit vol jeugdsentiment. Ik vertelt het ook niet overal –
het is immers zo jaren 70! Zulke dingen vertel je alleen op een plek, waar je je veilig
voelt … in de kerk, bij de Engel.

Maar wie het verhaal wil vertellen van de oecumene in de jaren 60 en 70 roep ik op
dat te doen in  geuren en kleuren!