Waterdagen worden wijndagen

Gemeente van
onze Heer Jezus Christus –

Lieve mensen van God. 

Weet u nog, vroeger, in de kinderbijbel, begon het verhaal van de bruiloft in Kana vaak met de mededeling dat een bruiloft in het oude Palestina
niet één maar wel zeven dagen duurde.

En bij dit bruidspaar was op de derde dag de wijn al op.
Het was maar goed dat Jezus er was,
want anders zou dit bruidspaar een leven lang zijn nagewezen als
“dat stel dat niet genoeg wijn had gekocht voor zijn gasten.”

Jezus redt… deze mensen van de roddelpers.

We moesten het verhaal nog maar eens nauwkeurig lezen
en daarbij letten op de associaties met de verhalen uit het Eerste Testament
die Johannes erin legt. Bijna elke zin staat bol van de symboliek;
vrijwel elk woord is zwanger van diepe betekenis.

Wij, westerse realiteitsmaniakken, maken er een plat verhaaltje van over een
man die zogenaamd water in wijn kon veranderen.
Als je het gelooft wordt je uitgelachen.
Als je vertelt dat je zo’n verhaal met oosterse, joodse ogen leest
en probeert uit te leggen wat er wel aan de hand is,
dan roepen de talkshow presentatoren in koor: “Ja, zo kan ik het ook.”

Dat is trouwens leugen, want ze kunnen het niet,
maar ze hebben de uitlachers op hun hand en de discussie gewonnen,
vinden ze. De arrogantie viert hoogtij.

We zouden het verhaal wat nauwkeuriger lezen: Daarvoor gebruik ik de Naardense
Bijbel. Een prachtige vertaling, net als de NBV uitgekomen in 2004, maar veel
dichter bij de grondtekst… en daardoor soms in een wat lastig qua Nederlands.

Het eerste wat mij opviel was dat het wijnwonder niet gebeurt op de derde dag
van de bruiloft. Letterlijk staat er: Op de derde dag geschiedt er een bruiloft
te Kana in Galilea. 

Op de derde dag geschiedt er een bruiloft.
In dat korte zinnetje zitten al drie begrippen, waarover je makkelijk drie
aparte preken zou kunnen maken.

1: De derde dag…
De derde dag is een begrip in de joodse vertelcultuur.
Je komt die derde dag tegen als Abraham, Isaäk gaat offeren,
als Mozes de berg op gaat om de 10 woorden in ontvangst te nemen
als Saul omkomt in de strijd, wordt dat op de derde dag aan David gemeld.
Esther gaat op de derde dag naar de koning om haar volk te redden…

In allerlei heftige situaties komt er – op de derde dag – een wending ten goede.

Als Jezus de crisis der crises doormaakt: de dood;
dan is er op de derde dag die wending ten goede: opstanding.
Aan  wat op het oog niet meer is dan een tijdsaanduiding,
kun je zien dat we ons in een crisissituatie bevinden
en dat we daar doorheen zullen komen.

Op de derde dag… Johannes kijkt niet op de kalender,
maar vertelt dat er wending, een omkeer aanstaande is…

Wat gebeurt er dan op die derde dag? Niks… Er gebeurt niet iets…
Er geschiedt een bruiloft. Dat is toch hetzelfde?
Absoluut niet…  De woorden “en het geschiedde”
geven aan dat degene die ze opschrijft – Johannes dus in dit geval – verbanden
legt met Thora of de profeten.

Blijft de vraag: Wat geschiedt er dan op die derde dag?
Waar zit dat verband dan met Thora en profetie?
Dat zit in die bruiloft, die geschiedt…
De bruiloft is, zoals uit onze eerste lezing duidelijk werd,
het beeld van het verbond tussen God en zijn volk, tussen God en de mensen.
De verbondenheid van hemel en aarde loopt via het verbond met Israël.
Dank zij het verbondsvolk hebben mensen –tot aan de einden der aarde –
kennis gemaakt met die Ene, die unieke God.
Dat is Israëls opdracht. Wij, volgelingen van Jezus Messias,  mogen daarin participeren… Een hemel op aarde.
Het koninkrijk Gods.  De kwaliteit van leven, die we eeuwig noemen.


Maria, Jezus’ moeder, is erbij. Punt. Dat is het volgende zinnetje in dit met
symboliek en betekenis overladen verhaal. 
Een vrouw wordt bij name genoemd.  Het is de moeite waard om dat op te merken,
want zo vaak gebeurt dat niet. Waar sprake is van crisis, is het goed om naar
de vrouwen te luisteren. Die hebben vaak meer oog voor kwaliteit van het leven, dan mannen.

Ter bruiloft genodigd is ook Jezus met zijn leerlingen. De bruiloft staat
vooraan in die zin, want daar gaat het om. Het gaat hier niet om een feestje
omdat er twee Galilese mensen vandaag hun boterbriefje hebben gehaald…
Nee, er geschiedt een bruiloft te Kana. Daar ergens in dat godvergeten Galilea…
wordt verband gelegd met de woorden die Jesaja, richt tot de inwoners van
hoofdstad Jeruzalem en haar land.

Men noemt je niet langer Verlatene
en je land niet langer Troosteloos oord,
maar je zult heten “Mijn verlangen”
 en je land “Mijn bruid.”

Want de HEER verlangt naar jou
en je land wordt ten huwelijk genomen. 
Zoals een jongeman een meisje tot vrouw neemt,
zo zullen jouw zonen jou ten huwelijk nemen,
en zoals de bruidegom zich verheugt over zijn bruid,
zo zal je God zich over jou verheugen.


Zoals de jongen het meisje trouw belooft, zo legt God zijn naam op zijn volk: 
Ik zal er zijn voor jou.
Zoals het meisje de jongen trouw belooft in goede en kwade dagen,
in dagen van gezondheid en van ziekte, van vreugde en verdriet…
zo zal God zijn naam waarmaken voor zijn mensen: 

Ik zal er zijn voor jou.

 

Dat klinkt
allemaal fantastisch, maar….
Maar Maria spreekt Jezus aan.
“Ze hebben geen wijn!” 

Als wij, westerse realiteitsrakkers dit horen, denken we al gauw dat Johannes
hier meedeelt dat de voorraad gistend druivensap is uitgeput.

Maar de oorspronkelijke hoorders en lezers kennen de wijn
als het geestrijk vocht dat, gedronken wordt om het verbond te vieren.
Wijn is de drank die het leven tot een feest maakt. 

Als die bruidegom zich niet verheugd over zijn bruid,
als ze niet echt naar elkaar verlangen,
als het liefdesvuur niet oplaait,
als de frisse wind van de geest niet meer waait,
dan verwatert het leven, het wordt vormloos,
dan valt de droom van de Heer in duigen…
dan is het bestaan woest en ledig
De kwaliteit van het leven, nihil.
Ze hebben geen wijn!

Jezus antwoordt haar:
Betekent dat iets tussen u en mij, vrouwe?  Mijn uur is nog niet gekomen.
Betekent dat iets tussen u en mij, vrouwe? Het is met respect gesproken
hoor, dat wel… maar er wordt ook afstand geschapen. Typisch een volwassen zoon
die pas het huis uit is, vindt u niet. Dat is heel gezond hoor,
een beetje afstand tussen moeder en volwassen zoon.
Die zoon gaat zijn eigen weg. Maakt zijn eigen keuzes.
De volwassen zoon zegt: Het is mijn tijd nog niet.

 

Johannes suggereert dat Maria – toen ze hoorde van de crisis – heeft gedacht:
Nu moest hij maar eens in het openbaar laten zien wie hij werkelijk is.
Maar stel je voor…  Stel je voor dat Jezus daar ten aanschouwe van de bruiloftsgasten een paar fusten wijn op tafel had getoverd.

Nou, ik zie de koppen in Dagblad voor Oost-Galilea als staan:
Mirakelse rabbi redt bruiloft!
Water – wijn – wonderrabbijn!
Kei kachel in Kana – Jezus, wat een feest! 

Maar Jezus is geen wonderrabbi.
Jezus is geen zoon van Hans Klok of van Fred Kaps…
Jezus is de zoon van God. De God van het verbond, dat hier geschiedt.
De God van het verbond die met kerstmis deed wat we allemaal zouden moeten doen:  Mens worden.

Jezus wil er natuurlijk best zijn voor dat jonge stel.
Maar niet op bovenmenselijke manier …
niet op een wijze die hem zijn menselijkheid ontneemt.
Hij wil niet als een standbeeld op een voetstuk staan…
Zijn missie is: Mens zijn – mens zoals God van den beginne mensen bedoelde.

Zijn openbaringsuur kan pas komen
als hij alle aspecten van het menselijk bestaan heeft doorleefd.
Niet alleen dit feestelijk hoogtepunt,
maar ook de allerdiepste dieptepunten:
de nachtelijke veroordeling, de uitlevering aan de heidenen,
het verraad van zijn vrienden, de kruisiging, de godverlatenheid
en het uur van zijn dood.
In die dagen zien we de bedoelde mens,
die in de allerdiepste crisis, op de derde dag …
laat zien wie hij werkelijk is…de opstandige mens.

Hij laat zien, dat de door God bedoelde mens,
het leven in al zijn aspecten aankan, tot en met het aspect dat we dood noemen.
Het leven aankunnen… De Duitse taal heeft daar een prachtige uitdrukking voor:
Das leben bestehen… Het leven doorstaan.
Rechtop staande alle doden sterven die het leven met zich meebrengt
en op de derde dag verrijzen uit elke denkbare dooie boel,
die je zelf van het leven hebt gemaakt;
op de derde dag omkeren op die door en door doodlopende weg en
je toekeren naar een leven van zo grote kwaliteit, dat we het eeuwig noemen.
Pas als hij heeft geleden, is gestorven en opgestaan zullen we weten,
wat het betekent om mens te zijn zoals God bedoelt…

Hij heeft het ons voorgedaan –
Hij heeft zich door niets en niemand van wijs laten brengen…
Hij heeft zich door niets en niemand, zelfs niet door zijn beulen laten
afbrengen van… de weg van de menselijkheid, van de humaniteit.  Wie volgt?
Er zijn miljoenen mensen die zich zijn volgelingen noemen, maar wat is volgen?

Doen wat hij zou doen? Dat is een eenvoudig antwoord, maar het voldoet…

Het zou immers humaan zijn, om ingeburgerde kinderen een verblijfsvergunning te
geven… maar we hebben nu eenmaal een inhumane afspraak gemaakt,
met iemand die het tegendeel van menselijkheid rondtwittert, om over de
Limburgse e-mails maar te zwijgen. Doen wat hij zou doen met die kinderen?
De vraag stellen, is hem beantwoorden!  

Er wordt gezegd dat het helpen van de armen in Afrika hun humaniteit aantast.  Dat is waar als we het hebben over neerbuigende liefdadigheid. 
Maar ontwikkelingsamenwerking is geen kwestie van liefdadigheid,
dat is een kwestie van rechtvaardigheid.

In de zomer van 2010  was ik Burundi. We
ontmoetten een groep middelbare scholieren die op kosten van Amahoro naar
school gaan. Een van de Europeanen zei tegen hen: This is not a
matter of charity, it’s a question of justice!

Toen ging er een applaus op. Ze voelden zich in hun humaniteit erkend.

Ach pastor, het is toch allemaal een druppel op een gloeiende  plaat …
Als je voor een dubbeltje geboren bent… Onzin! Onzinnig cynisme, dat alle
spirit, alle enthousiasme, alle geestdrift de nek omdraait.  

Waar de Geest wordt uitgebannen… verdwijnt de kwaliteit van leven.
Waar de Zoon wordt uitgelachen … raakt de mensheid in crisis.
Waar de Vader wordt ontkend… zijn we aan de heidenen overgeleverd.

Maria geeft het niet op: wat hij ook zegt… doe het.
Zo zot kan het je niet in de oren klinken, maar ik zeg…DOEN!
ook al klinkt irritant, maar doe het toch maar…

Maria geeft niet op… Dat doorzetten heeft ie van haar… 
maar hij is ook de zoon van IK ZAL ER ZIJN VOOR JOU
Ze weet… Hij zal er zijn… en dit hoogtepunt verkeert niet in een desillusie.
Het verbond blijft  – hoe dan ook – overeind!!!

Op de derde dag geschiedde een bruiloft te Kana in Galilea.
Nou stonden daar 6 stenen watervaten… Inhoud 2 tot 3 metreten
60 liter per stuk; 360 liter in totaal.

Die 6 watervaten vertegenwoordigen de joodse traditie.
Ze horen bij het verbond maar ze staan leeg.
De traditie staat droog, functioneert niet meer…
Het vertrouwen op de NAAM is ver te zoeken.
Hier speelt God geen rol meer.
Kana, aan de heidenen overgeleverd.
in Galilea, het godvergeten Galilea!

Hoe intens leeg en hol zijn onze vaten?
Zijn niet ook wij onze traditie zo zeer kwijt,
dat we geen respect meer opbrengen voor een andere traditie
Zou het niet een zegen zijn, als die holle vaten weer werden gevuld?

Jezus laat vaten vullen. Met water.
Zou dat de eerste stap kunnen zijn om uit een crisis te komen:
Terugkeren tot je traditie. Nieuwe inhoud geven aan oude vormen.

Ik noem maar een voorbeeld: Het gebed bij de maaltijd.
Het verwaterde eerst tot een riedeltje… en toen er toch alleen maar een riedeltje overbleef… is het verdwenen.

Zou dat misschien een eerste stap kunnen zijn om uit een crisis te komen:
terugkeren tot je eigen traditie. Misschien moesten we – in navolging van Jezus
– die lege vaten maar weer eens volscheppen met water en het ons weer laten
smaken als wijn. Wie weet, is ook voor ons de beste wijn  wel tot het laatst bewaard.

Niemand wist waar die wijn vandaan kwam.

Kortom; Geen hoeraatje voor Jezus, geen wonder-award,  geen mirakel-medaille… Het gaat niet om magie of illusie… er wordt een teken opgericht. Een teken van het rijk dat komt;

Wijn ten teken van dat kwaliteitsleven dat God voor mensen in petto heeft.
Waar die vandaan komt? Niemand heeft er sjoege van…
Alleen de dienaren, die maken vast kennis met de man,
die kwaliteit van leven biedt.
Het water van de eigen traditie wordt ingebracht in de feestzaal van het leven.
De ceremoniemeester proeft en roept:
De meeste mensen zetten eerst de goede wijn op tafel
en als de gasten het toch niet meer proeven, de mindere…
maar jij – zegt hij tegen de bruidegom – hebt de beste wijn tot nu bewaard.

Een vreemde vogel… die gastheer. Ik vermoed een duif…
Een duif ooit zwevend op de wind … boven de wateren.
De geest die leven brengt, niet zomaar leven…kwaliteitsleven. 
Gods adem, die jou en mij tot leven brengt

De geest
de geest is uit de fles en je krijgt hem er goddank nooit meer in.
Het heeft niets met alcohol te maken…
Het gaat om de geest van het feest…
We vieren het feest van de geest
Ik zal er zijn voor jou begint met ons een nieuwe feestelijke relatie
Het feest van nieuw leven…  De crisis
voorbij.

Jezus vult de vaten…
Water wordt wijn, waar het verbond wordt gevierd
Waar mensen blij zijn met die verbintenis met “Ik zal er zijn voor jou!”
Daar zeggen mensen tegen elkaar: Ik zal er zijn voor jou!
Daar is God alles in allen.

Waar humaniteit wordt beoefend, komt het rijk in zicht…
Het breek aan , telkens als ergens de
menselijkheid zegeviert…

Dan veranderen waterdagen in wijndagen
Dat het – ook in ons leven – zo mag zijn,

AMEN