Judith en Holofernes (Judith 7)

Gemeente van onze Heer Jezus Christus
Lieve mensen van God

 

Eén lange lezing kreeg u vanmorgen voorgeschoteld.
Een lezing uit een Bijbelboek dat u op catechisatie niet hebt geleerd.
Het staat niet in het rijtje van 39. U weet wel dat rijtje dat begon met
Genesis – Exodus –Leviticus….. en dat eindigde met Haggaï,  Zacharia en
Maleachi.

Qua inhoud was dat rijtje gelijk aan de inhoudsopgave van de Hebreeuwse bijbel, die zo rond 100 na Christus door de Rabbijnen in Jamnia is vastgesteld. Tot op vandaag
de joodse bijbel: TeNaCH.  

Zo’n vastgestelde inhoud heet: een canon.
Een oud woord dat de laatste jaren weer opgeld doet…
want er worden vandaag de dag nogal wat canons vastgesteld…
de canon van de vaderlandse geschiedenis is waarschijnlijk de bekendste.

Tussen 250 en 50 voor Christus is er in Alexandrië gewerkt aan een Griekse
vertaling  van de joodse bijbel, bestemd voor de vele Grieks sprekende joden
in Noord-Afrika. Egypte werd in die tijd geregeerd door Hellenistische
koningen, die er gigantische bibliotheken op nahielden.

Deze vertaling heet: Septuagint… De vertaling van de 70. Het verhaal gaat dat
70 ( of 72) joodse geleerden, ieder op een eigen eilandje in de Nijldelta,
us onafhankelijk van elkaar, een vertaling hebben gemaakt en dat die 70 vertalingen wonder boven wonder allemaal exact gelijk waren.

Welnu in die Septuagint waren een aantal boeken opgenomen, die de rabbijnen van
Jamnia later weer uit de door hen vastgestelde canon van TeNaCH hebben weggelaten. De vroeg christelijke kerk was blij met die Septuagint; de kerken van de
reformatie hebben echter de canon van Jamnia overgenomen.
De catholica werkt tot op vandaag met de canon van de Septuagint.
Daardoor staan er in de katholieke bijbel meer verhalen dan in de protestantse.
Een van die zogenoemde apocriefe of deuterocanonieke boeken is het boek Judith.

Het verhaal van Judith speelt zich af ten tijde van de Assyrische koning
Nebukadnezar Deze is zeer gericht op expansie van zijn rijk en heeft zijn wrede
legeroverste Holofernes opdracht gegeven de stad Betulia te veroveren. Tijdens
de belegering wordt de watertoevoer van de Israëlitische stad afgesneden, en
overweegt de leider overgave. Judith, een schone en vrome weduwe, besluit in
verzet te komen. Ze trekt haar mooiste kleren aan en weet bij Holofernes te
komen door de Assyrische wachten te vertellen dat ze hem kan wijzen hoe de stad
te veroveren. Holofernes, betoverd door haar schoonheid, laat Judith in zijn tent
komen, waarop zij zijn hoofd afhakt. Met het hoofd in een zak keert ze terug
naar Bethulia. De Assyriërs geraken geheel in verwarring door de moord op hun
leider en worden met gemak door de Hebreeuwen verjaagd.

Dit pakkende
bijbelverhaal is inspiratiebron geweest voor tal van kunstwerken. Je vindt met
Google afbeeldingen talloze  schilderijen. Mozart componeerde  als 15-jarige de muziek voor het oratorium La Betulia Liberata ( de bevrijding van Betulia)  en regisseur D.W. Griffith maakte al in 1914 een speelfilm over het verhaal van Judith.

Nu kan ik me voorstellen dat u alle informatie tot nu toe om cultuur- en godsdienst historische redenen interessant vindt, maar intussen ook denkt… waarom zou je zo’n krijgszuchtig verhaal tijdens een kerkdienst voorlezen?

De opperbevelhebber trekt op naar Betulia. Hij krijgt van de buurvolken rondom- vanouds aartsvijanden van Israel  – de tip dat de Israelietenniet op hun lansen vertrouwen, maar op de bergtoppen waarop de wonen. Een gewoon gevecht is om die reden vaak niet succesvol. Het is zinniger om de waterbron aan de voet van de berg te bezetten…

Het lijkt inderdaad op het eerste gezicht vooral een militair strategische opmerking, maar er zit meer achter.

De Israëlieten bewonen bergtoppen. Maar die bergtoppen zijn in het oude oosten
ontmoetingsplaatsen met de goden. Dat geldt ook voor Israël.
Mozes ontving de Thora op de berg Sinai; Solomo bouwde de tempel op de berg
Sion, Elia versloeg de Baälspriesters op de berg Karmel…  Jezus’ onmtoette die beide profeten tijdens de verheerlijking op de berg; Zijn belangrijkste leerrede heet: Bergrede; Hij zocht regelmatig Gods aangezicht op een bergtop en stierf op de berg Golgotha en voerten hemel vanaf de olijfberg.

Als er in ons verhaal wordt verteld dat Israel niet gelooft in lansen maar in
de bergtoppen waarop ze wonen; dan putten ze hun vertrouwen uit het verbond met
hun God in plaats van uit wapengekletter.

Die Israëlieten hebben blijkbaar een machtige bondgenoot… en dat hebben die omringende volken goed gezien.
Ze hebben ervan gehoord hoe de Farao van Egypte zijn slaven moest laten gaan…
Ze waren erbij toen de Israëlieten na zeven rondjes om Jericho op de Sjofar
bliezen, alsof ze het Loofhuttenfeest aan het vieren waren…  

Ze hebben gezien hoe David Goliath versloeg alsodf hij een afgedwaald schaap
wilde terughalen bij de kudde. David sloeg Goliath met een steentje zo klein als het menselijk geloof.

De Midianieten  wisten niet waar ze het zoeken moesten, toen de kruiken van de korenmaten braken en de fakkels de Gideonsbende in vuur en vlam zetten.

Een heilige oorlog werd toen niet gewonnen met zwaarden en speren…
en nu niet met perperure JSF’s of onbemande drones.
Een heilige oorlog is een strijd tegen onrecht en die voer in de liturgie,
zoals bij Jericho onder Jozua

die strijd voer je in de herderlijke zorg…  zoals bij David
die strijd voer je in het missionaire enthousiasme, zoals bij Gideon.

die strijd voer je door gebruik te maken van de zwakheid van een sterk lijkende
tegenstander… want ook Holofernes – met zijn belachelijk grote legermacht –
zwicht voor de verleidingen van het vrouwelijk schoon…

Maar er wordt nog een tweede vraag opgeworpen.
Zal Israël het volhouden? Zullen ze – ook nu na 34 dagen van uithongering en
vreselijke dorst – de vrouwen en kinderen sterven op straat –  Zullen ze ook onder deze omstandigheden blijven vertrouwen op die Ene…
Het is een dubbeltje op zijn kant hoor… want de pragmatici onder hen gaan naar
Ozias (Uzzia) … want voor hen is de maat vol. Liever blo jan dan do-jan;|
liever een levende slaaf dan de vrije vader van een dood kind.
De Eeuwige mag die ene-unieke-bevrijdende God wezen,
maar wij mensen weten graag waar we aan toe zijn.
Als we ons overgeven is dat duidelijk… als we rekenen op de Heer
kon het wel eens een heel grote teleurstelling worden Ozias (Uzzia)
blijkt niet zo’n pragmaticus…

Hij laat zijn beslissing  in elk geval niet alleen van de omstandigheden afhangen
Hij wil het minstens nog vijf dagen vol houden.
34 dagen van honger en dorst zijn er al achter de rug….
Nog 5 dagen… dan breekt de 40-ste dag aan!
Hij rekent erop dat de 40-ste de dag van de catharsis zal zijn.
De dag van de omkeer van de reiniging…
Ozias /Uzzia doet zijn naam eer aan: De ene is mijn kracht!

Bij de bijbelvasten onder u is er bij de naam van de burgemeester vast een belletje gaan rinkelen. Uzzia, was dat niet een van de koningen in Israël? Klopt. Hij was in economisch opzicht een succesvol koning. Hij heeft de verdediging van Jeruzalem versterkt maar deze koning ging op een zeker moment ook als priester optreden in de tempel. Die koning Uzzia uit 2 Kronieken 26 weet het onderscheid niet meer te maken tussen de functies van koning, priester en profeet.

Maar hoe is dat met deze Ozias, de burgemeester van Betulia? Weet deze Uzzia
uit het boek Judith wel onderscheid te maken. Blijft hij, ook nu de regenputten
boven op de berg droogstaan en de bronnen onderaan de berg onbereikbaar zijn …
toch putten uit die ene bron van wijsheid? Laat hij zijn handel en wandel
richten door het richtsnoer dat Thora voor mensen wil zijn? God is de bron…
Thora de wel waaruit hij putten mag… Maar wat doe je als de bron bezet is en de
waterput droog komt te staan? Wat doe je als een crisis je dreigt te vervreemden van je principes?  Dat woord crisis betekent ook onderscheiden, besluiten, oordelen.

Kan het volk in deze crisissituatie nog onderscheiden wie God is? Wat de Eeuwige voor hen betekent… Is er in die crisis nog enig vertrouwen, of oordeelt men het verstandiger om nu over te schakelen op pragmatisme en opportunisme… en
hoe onderscheidt God zich? Hoe maakt de Heer het verschil?

Het volk gaat op de pragmatische toer.
Het kan niet anders of deze giga-crisis moet een straf zijn van God.
Het volk erkent het… Ze vertrouwden telkens op andere machten dan de Eeuwige.
Dat schuldbesef klinkt Calvinisten vertrouwd in de oren…

In een van mijn vorige gemeentes had ik nogal eens te maken met mensen van de
rechterflank van het Nederlands protestantisme. En als ik dan – in het zorgcentrum  bijvoorbeeld – vertelde over Gods onbegrensde genade; over zijn barmhartigheid die
alle verstand te boven gaan; over God die duizend malen meer geduldig is dan
een mens boosaardig kan zijn … dan kreeg ik na afloop steevast te horen dat God
wel goed is maar niet gek… en dat een beetje meer zondebesef mij niet zou
misstaan.  God is goed, zeiden ze dan, maar ook rechtvaardig en dan bedoelden ze dat ik de Heer te veel als een softie afschilderde.

De inwoners van Bethulia vertrouwen bij tijden wijle meer op Baäl dan op God– d.w.z. dat ze al hun heil verwachten van economische groei…  Hoe zit dat hier
en nu?
De inwoners van Bethulia zetten hun relatie met Eeuwige op het spel als geld
verdienen wordt verheven tot het hoogste goed… Ik zal de vraag niet herhalen.

Maar de grootste belediging voor de Eeuwige is uiteraard dat ze hun denkwereld
en die van de Heer gelijkschakelen. Dan maken we “Ik zal er zijn voor jou” net
zo narrow-minded als we zelf zijn op onze slechtste momenten.

Burgemeester Uzzia beseft dat…

Hij durft wel te rekenen op de NAAM van de Heer … IK ZAL ER ZIJN VOOR JOU!
Hij durft wel te vertrouwen op de grote daden van de Eeuwige, die al zo vaak na
40 dagen of 40 jaar hun beslag hebben gekregen.  Uzzia vraagt nog vijf extra dagen van vasten en gebed… Hij leeft toe naar de 40-ste dag…
De veertigste dag…

Dat is de cliffhanger in het rooster… Volgende week wordt in het volgende
hoofdstuk de hoofdpersoon van dit boek geïntroduceerd. Judith. In dit
mannenwereldje doet een joodse vrouw haar intrede… Nee, dat zeg ik niet goed,
dan doet in dit mannenwereldje de joodse vrouw haar intrede. De Joodse vrouw, dat is de betekenis van de naam Judith. Zij gaat naar Holofernes, de legeraanvoerder en hoe dat afloopt kunt u zien op het plaatje voorop de liturgie,

maar ik heb heel bewust voor dat plaatje gekozen, omdat vrijwel alle andere het
geweld centraal stellen en dat is behoorlijk in tegenspraak zijn met de
bedoeling van dit verhaal, dat ons de Heer God in de zoveelste variatie laat
zien als de Gans Andere… De God die niet te vergelijken is met  wie of wat dan ook…

Gelukkig maar!

Da net zo mag zijn

AMEN