De os en de ezel

Gemeente van onze Heer Jezus Christus
Lieve mensen van God

Wie van jullie heeft er thuis een kerststal?
Toen ik een kleine jongen was, mocht er in ons huis geen kerststal staan.
Mijn vader was tegen kerststallen.
Dat was iets voor katholieken… en die noemde hij dan roomsen.
Dat klonk niet vriendelijk en zo was het ook niet bedoeld.


De jongelui die in november meewaren naar Ameland,
herinneren zich misschien nog wel het beeld van Sint Franciscus.
Het was dat beeld van die monnik met die bloedvlekken
op zijn handen en voeten.
De feestdag van Sint Fanciscus is 4 oktober: Werelddierendag.  

Nee dat is niet toevallig, want Franciscus was een groot dierenliefhebber.
Ze zeggen dat hij zelfs met dieren kon praten… met de vogels en met een wolf.
Als Franciscus nu zou leven zou hij vast “Partij voor de Dieren” kiezen.

Deze Franciscus – hij kwam uit het stadje Assisi in Italië –
heeft de kerststal uitgevonden. Hij vertelde mensen de oude verhalen
en liet daar ook graag iets bij zien – een soort 3D -powerpoint presentatie.
Hij deed het in die tijd vooral omdat de meeste mensen, niet konden lezen.

Daarom stonden er ook beelden in de kerk en hingen er schilderijen
aan de muur. Voor de mensen die niet konden lezen en schrijven.
Die beelden en schilderijen waren om mensen te herinneren aan de verhalen.
Als mensen de kerststal zagen, dachten ze weer aan het kerstverhaal dat
Franciscus had verteld. Nou daar is niks mis mee, zou ik denken.
Dat vond mijn oma ook… en die had gelukkig wel een kerststal in huis,
maar ja die was dan ook rooms… ik bedoel katholiek.


In het verhaal dat ik vanmorgen vertelde, ging het over de os en de ezel…
maar in het Bijbelverhaal dat we samen hebben gelezen, met die kerstliedjes
ertussen, daar kwamen de os en de ezel niet in voor.
Dus deze preek gaat over twee dieren, die in bijna elke kerststal staan,
maar niet in de bijbel. En toch… toch hebben die twee wel iets te vertellen.
Want ze zijn ook weer niet zomaar uit de lucht komen vallen.

We hebben in ons adventsproject vier profeten leren kennen.
Dat is al heel wat, maar er zijn er nog veel meer.
Jesaja bijvoorbeeld, is een heel bekende.
Op een dag droomde Jesaja over de nieuwe koning.
Net als  ons kwartet Zacharia, Maleachi,
Sefanja en Micha…
Ook Jesaja droomde over hoe mooi en hoe fijn het zou worden.
Ja, als de Messias komt dan…
als die nieuwe koning komt dan…
Hij zag  in zijn droom een wolf en een schaap.
En wat deed die wolf met dat schaap? Ze gingen samen spelen,
en een panter sloop naar een bokje toe, en toen hij er bijna was…
ging hij er lekker naast liggen…
en er was een kleine jongen… die voor de dieren zorgde; een herdersjongen.
Jesaja droomde over een koe en een vrouwtjesbeer samen in de wei lopen
Een leeuw die gras eet en een kind dat veilig speelt bij een nest vol
gifslangen.

Toen Jezus op de aarde was, kwamen al die oude dromen weer boven…
Toen Lucas er een verhaal over ging schrijven, heeft hij de schapen en de
herders van stal gehaald. Franciscus heeft er die os en die ezel bij gedaan…
Nee, nee dat hij heeft hij niet zomaar zelf verzonnen.
Die os en die ezel komen ook bij Jesaja vandaan…

Jesaja zegt in zijn boek: Mensen, jullie vergeten God helemaal!
Stelletje domoren, jullie moeten een voorbeeld nemen aan de os en de ezel
De os weet wel wie zijn baas is… maar jullie zijn God vergeten.
De ezel weet in welke stal hij thuis hoort…
maar jullie weten het huis van God niet meer te vinden.

Nou, dacht Franciscus… als de mensen een voorbeeld kunnen nemen
aan de os en de ezel, dan zet ik ze erbij in mijn kerststal.
Dan zullen de mensen die niet kunnen lezen en schrijven,
als ze de os en de ezel zien, denken – pas op: we moeten God niet vergeten.

De os en de ezel weten precies wie ervoor hen zorgt… en de meeste mensen
vragen niet eens van wie ze hun eten krijgen… laat staan dat ze er iemand voor
bedanken.

De mensen hebben het veel te druk…ze onderzoeken en studeren maar…
Ze weten steeds meer en meer. O ze zijn zo vreselijk knap,
maar hoe je zorgt voor vrede..
hoe je ervoor zorgt dat iedereen te eten heeft…
hoe je  zorgt dat alles eerlijk wordt
verdeeld… nee dat weten ze niet.

De os is een trekdier. Hoe zwaar een kar ook is…
Hij trekt hem uit de modder.
Voor zijn baas doet hij alles! 

De Ezel is een lastdier.
Hoe groot de pakken ook zijn die ze op zijn rug laden,
hij sjouwt ze over de bergen.  Voor zijn
baas doet hij alles!

Ja, de os en de ezel zijn allebei heel trouwe dieren.
Daar kunnen wij mensen vaak een voorbeeld aan nemen

De os is eigenlijk ook wel een beetje zielig.
Ooit was hij een stier… maar nu niet meer … en als hij dood gaat,
zal hij geen kinderen hebben…
Voor de os is er niet veel plezier te beleven. 
Maar… met zijn grote warme lijf,
zorgt hij er wel voor dat het kindje van de timmermansvrouw
het niet al te koud heeft in die stal.

Ook de ezel is een ontroerend dier.

Hij is lijkt wel een beetje op het paard, maar hij is het net niet…
Paarden staan vaak met een ruiter erop als standbeeld op een plein;
de ezel niet
Paarden halen samen met Anky van Grunsven medailles op de Olympische spelen… De ezel niet!

Maar… In dat wonderlijke verhaal God en de mensen,
dat verhaal waarin altijd de laatsten de eersten worden
en de kleinsten vooraan mogen staan…
Wie is daar de koning der dieren?
Juist! De Ezel!.  

Waar denkt zo’n
ezel aan als hij met zware pakken
of zwangere vrouwen op zijn rug loopt?
Waar denkt zo’n ezel aan als hij ’s avonds
– vastgebonden aan een vijgeboom –
staat uit te te rusten van een lange dag hard werken?

Denkt hij dan terug aan de die lange reis van Nazareth naar Bethlehem?
Denkt hij aan de dag dat “de zoon van David” op zijn rug Jeruzalem binnenrijdt,
Niet als een vorst, hoog te paard, maar als een dienaarkoning.
Tja, aan de ezel kun je zien zien dat de nieuwe koning meer dienaar is dan
baas.
Aan de ezel kun je zien dat de nieuwe koning solidair is met de armen.
Hij zal zorgen voor de mensen die geen paard kunnen betalen…
de ezelmensen.

In de Middeleeuwen mocht de ezel een keer per jaar, mee naar de kerk.
Dan werd de ezelsmis gezongen… Een ezel kreeg dan een ereplaats
voor in de kerk. Bij het Kyrie en het Gloria ia ia ia ia
begreep je dan ineens waarom deze dienst  
de ezelsmis werd genoemd.

De os en de ezel… Het zijn twee dierbare dieren van God.

Twee dieren ook waar je je als volgeling van Jezus mee identificeren kunt.
De ene is een beetje beschadigd maar oersterk…
Het is een echte trekker…
Ik moest denken aan een ouderling, die van alles opzet en de gemeente motiveert
om mee te doen. Zo een die er helemaal voor gaat!

De ezel draagt de lasten van medemensen. Hij heeft een dienende functie,
wordt niet altijd voor vol aangezien… Soms heeft hij het gevoel dat er misbruik
van zijn kracht wordt gemaakt. Ik moest denken aan een diaken, die altijd klaar
staat om een helpende hand uit te steken.

Een kerkenraad bestaat niet uit hooggeplaatste personen…
Een kerkenraad vind zichzelf niet het elitekorps van de kerk…
Een kerkenraad bestaat uit ossen en ezels en misschien een herdershond. 
De kerk is bedoeld als rustplaats voor opgejaagde mensen,
die  – eenmaal opgestaan – trekkers
worden van projecten
waarin de lasten van anderen worden gedragen.

En nu we het over de kerststal hebben… moet ik ook nog even iets zeggen over die
herders – dat stelletje nachtbrakers, dat het daglicht niet kan verdragen.
Ze schrikken zich te pletter als het ineens licht wordt.
Wij hebben dierbare liedjes over ze  gemaakt.
De herdertjes lagen bij nachte…
Zij lagen bij nacht in het veld.
klinkt mooi — veel te mooi!

Herders dan  zijn van die kerels die vloeken in hun slaap,
die als het moet een leeuw of een beer bij zijn strot grijpen
Dat romantische idee, van die lieve brave, burgerlijke herdertjes
klopt  voor geen meter…
In de ogen van de elite
en zeker in de ogen van de bezetter
was het schorriemorrie… een stel rotzakken… knokploegen,
verzetstrijders, opstandelingen… Ja dat is het goede woord  –
Opstandelingen!

Door dat soort lieden, wil die nieuwe koning worden begroet.
Met zulke mensen, die helemaal gaan voor recht en vrede,
mensen die risico’s durven nemen. Mensen die doen wat er –
omwille van de gerechtigheid gedaan moet worden –
ook als dat hun eigen belangen zou kunnen schaden.
En goddank, die zijn er… ook in Andijk.
Ik ontmoette afgelopen week in dit dorp
nog een os en een ezel.  Nou vooruit… 
twee herderinnen dan, omdat het aardiger klinkt.
Twee herderinnen die dwars tegen de regels in,
solidair bleken te zijn met een medemens,
die dreigde weg te zakken in het moeras
van de bureaucratie. 

Maar met dat soort opstandelingen is koning Jezus solidair.
Waar mensen aan handen en voeten gebonden zijn door vreemde overheersers
komt hij – zelf ook helemaal ingebakerd – ter wereld om solidariteit te tonen.
Waar mensen, die opstaan tegen onrecht en onderdrukking,
en ter dood worden gebracht aan een kruis…
Daar wordt ook deze nieuwe koning bespot
en opnieuw aan handen en voeten gebonden,
ook aan zo’n kruis… om zijn solidariteit te tonen.

Jezus heeft geen medelijden… Hij gaat een stap verder:
Christus lijdt mee … Kyrie Eleison …

Maar Hij blijkt ook de opstandeling bij uitstek.
en zijn kompaan aan het kruis belooft hij:  
Vandaag nog, zul je met mij in het paradijs zijn!
Gloria Gloria ia ia ia 

U en ik, in we mogen in zijn voetspoor opstaan
om als trekdier of als lastdier aan het werk te gaan
voor een beetje meer kwaliteit van leven
voor een beetje meer vrede op aarde…
want God heeft in echte mensen welbehagen…

De echo van de os en ezel mag klinken
op deze aarde:

Gloria Gloria ia ia ia ia
Wie ezelsoren heeft om te horen, die hore…

Amen.