Linea Recta Jerusjalaim

Gemeente vanonze Heer Jezus Christus.
Lieve mensen van God.


Soms is het jammer dat je al weet hoe een verhaal afloopt.
In dat geval is het een stuk moeilijker om de volle spanning te ervaren.
Je kunt evengoed genieten van de stijl van de schrijver,
de knappe intrige of de fraaie landschapsbeschrijvingen,
maar de spanning  rond de vraag: Waar gaat dit naartoe? 
Waar loopt dit op uit? Die spanning is weg.
Het is als kijken naar een detective, terwijl je weet wie de dader is.  

De eerste lezers van Lucas weten hoe het verhaal afloopt.
Hij verklapt niks nieuws als hij schrijft:
“Toen de tijd naderde dat Jezus van de aarde zou worden weggenomen.”
maar Lucas vertelt wel iets bijzonders als hij zegt:
“Jezus ging vastberaden op weg naar Jeruzalem.”

Zijn lezers weten van alle ellende die hem daar te wachten staat,
maar Lucas maakt duidelijk dat Jezus opgang naar Jeruzalem,
zijn eigen bewuste keuze is!
Zijn vrienden vragen zich af: “Waar moet dat heen? Hoe zal dat gaan?”
Voor hen op dat moment een spannende vraag. Wij kennen het antwoord.
Jezus heeft zijn blik gericht op: de stad van de vrede…
Jezus gaat linea recta Jerusjalaïm.
Linea recta – via een rechte lijn, de kortste verbinding tussen twee punten.
Niet door het Jordaandal. Dat is een omweg!
Linea recta… dwars door Samaria,
het gebied waar de Samaritanen wonen.

Samaritanen dienen de God van Abraham, Isaäk en Jacob.
Maar Samaritanen hebben helemaal niets met Jeruzalem.
De hele cultuur rondom de  tempel is de
Samaritanen een gruwel.
Zij aanbidden God niet op Sion, maar op twee andere heuvels: Ebal en Gerezim.
Als blijkt dat deze rabbi op weg is naar Jeruzalem,
blijkt hij in het niet nader genoemde Samaritaanse dorp niet welkom.
De discipelen zijn des duivels!
En dat is ook precies het goede woord: des duivels.
Ze reageren satanisch op de afwijzing die hen ten deel valt.
“Heer, zullen we vuur van de hemel afroepen dat hen zal verteren?“  
Zo diep kan haat zitten.
Zo diep dat je bij de minste of geringste afwijzing je vijanden wilt laten vernietigen.
Zo ver kan godsdiensthaat blijkbaar gaan…
dat je de hemel wilt inschakelen om jouw doel te bereiken.

Maar Jezus draait zich naar hen om en wijst hen streng terecht, zegt de nieuwe vertaling. Dat is een keurige vertaling, maar letterlijk staat er dat hij de discipelen de huid vol scheldt, die met dit onzalige idee op de proppen komen:
“ Zijn jullie nou helemaal van God los?” “Wie denk je wel dat je bent?” 

Jezus draait zich om. De herder, die voor hen uitgaat… De rabbi die ze keert
zich tegen hen. Zijn leerlingen oordelen aan over medemensen. En dat oordeel
luidt uitmoorden, dat dorp! En waarom? Omdat de heren niet gastvrij ontvangen
worden?  En wie wordt er als beul aangesteld? God zelf! Ze zetten de hemel in als boeman, omdat hun ego is gekwetst.

De hemel moet een politionele actie uitvoeren
zoals ooit in Rawagede op Java.
God wordt door de discipelen benoemd tot commandant
van de mobiele eenheid, die met veel geweld Tahir in Cairo
of het Taksimplein in Istanbul, of Tien a min in Peking schoon moet vegen,
omdat de ego’s van Jezus’ volgelingen zijn gekrenkt.
Jezus verzet zich fel! God laat zich niet voor het karretje spannen,
waar een mens op zit die denkt De Heer te kunnen mennen. 

Volgelingenvan Jezus heten discipelen… 
Bij discipel zijn hoort discipline. 

Wij vinden dat een vervelend woord: discipline.
We denken daarbij al gauw aan “handelen op bevel”, aan kadaverdiscipline.
Doen wat je gezegd wordt en daar houden Nederlanders niet van
en West-Friezen al helemaal niet.
Maar discipel betekent letterlijk leerling …
Het heeft met scholing te maken,
met leren leven op de manier van je leermeester.
Wij mogen levenslang leren de kwaliteit te ontdekken van …
van de manier waarop Jezus het doet: als Mensenzoon 
Wij mogen leren leven met de blik gericht op Jerusjalaïm.
Wij mogen doelgericht leren leven:
vastberaden op weg naar de stad van de vrede!

De Mensenzoon maakt het zijn leerlingen niet gemakkelijk,
want als er één zegt dat hij Jezus volgen wil,
dan krijgt hij te horen dat de vossen een hol hebben,
maar de Mensenzoon heeft geen plek om zijn hoofd neer te leggen.

Jezus noemt zichzelf de Mensenzoon, maar dat woord betekent meer

De Mensenzoon dat is de ware mens.
De mens zoals God zich die heeft gedacht.
De mens zoals God hem bedoeld.
Jezus is de Mensenzoon,
maar wij mogen ook allemaal mensenzonen worden
en daarbij hoeven de dochters zich niet uitgesloten te voelen.

Die Mensenzoon… is een dakloze, een zwerver.
Een kwetsbaar mens, die overlast veroorzaakt.  
De Mensenzoon is iemand waar de anderen zich aan storen.

Gegoede burgers houden niet van kwetsbare medemensen.
Wij worden liever niet geconfronteerd met daklozen en zwervers.
Wij verschansen ons liever in een huis met stalen deuren, zware sloten
beveiligingscamera’s en  dievenklauwen en
meterhoge hekken eromheen.
als we die kwetsbare Mensenzoon maar niet hoeven te zien.

Jezus waarschuwt die volgeling die zo graag wil.
Denk erom MIJ volgen is een onzekere zaak.
Je weet niet wat je inkomen zal zijn, of je onderdak hebt.  
Het is een altijd maar zoekend, onzeker bestaan.
Aartsvader Jacob had nog een steen onder zijn hoofd
toen hij op de vlucht sloeg voor zijn broer…
De vossen vinden altijd nog wel een bouwval,
waar ze in kunnen kruipen, zo citeert Jezus Ezechiël (13:4)
Maar MIJ volgen… Kijk uit hoor, dat is linke soep.

Maar  tegen een ander zegt Jezus dan weer: Volg mij!
En als die geroepene dan eerst nog even een overleden familielid wil begraven,
dan kan dat blijkbaar niet: Laat de doden de doden maar begraven.

Als je leerling van Jezus wilt zijn, wordt er discipline gevraagd:
Het eerste en het enige wat je te doen staat: Zoek zijn koninkrijk!
Dat kan niet wachten… omdat iets anders nu eerst even belangrijker zou zijn.
Het zoeken van zijn koninkrijk is niet iets wat je ernaast doet, of wat je
erbij doet… Het is zoeken van dat koninkrijk is je levensvulling,
daar ben je altijd mee bezig… als je werkt,
als je sport, als je rust, als je nadenkt, als je leest…
het zoeken van dat koninkrijk is de basis
de onderstroom van alles wat je doet.

Hoe kun je nou al voetballend zoeken naar het koninkrijk,
of onder het eten koken, of terwijl je aan het boekhouden bent?
Dat kun je een vreselijk ingewikkeld verhaal over houden,
maar is wezen is het vrij simpel: Doe het goed!
Ik herinnerde me bij het maken van deze preek een liedje.
Youtube vertelde me dat het in 1965 is gemaakt door ene Ned Miller
Hij zong: Do what you do, do well boy. Ned Miller zingt over zijn vader: 

Hij kon geen bergen verzetten of een eikenboom omvertrekken,
Maar mijn vader was een fantastische man met een heel eenvoudige filosofie:

Do what you do do well boy                doe wat je doet, doe het goed, jo
Do what you do do well                      doe wat je doet, doe het goed
Give your love and all your of heart     geef al je liefde., je hele hart en
And do what you do do well                doe wat je doet, doe het goed

Doe wat je doet ook goed!
Dan is de vraag: Wat is goed?
Alles wat je verder brengt op de weg naar Jerusjalaïm, dat is goed!
Alles wat het koninkrijk van God dichterbij brengt… dat is goed.
Als alle christenen zich bij elke belangrijke beslissing de vraag zouden
stellen…
Welke mogelijkheid brengt Gods koninkrijk dichterbij?
Wat helpt er mee mij tot mensenzoon te maken?
Hoe zou Jezus in deze situatie handelen?
Als al die honderden miljoenen christenen dat zouden doen,
dan zou de wereld er heel anders uit zien.

Dan zou er geen haat bestaan tussen godsdiensten…
zoals in onze lezing tussen gekwetste Joodse ego’s en ongastvrije Samaritanen.
En dat je nooit hele groepen mensen over een kam moet scheren wordt in een
volgend hoofdstuk duidelijk, waar Lucas vertelt over de Barmhartige Samaritaan.

Als christenen meer gericht zouden zijn op Jerusjalaïm,
dan zouden ze Moslims en de Islam met respect behandelen
i.p.v. die religie constant als achterlijk te bestempelen.

Als Christenen meer gericht zouden zijn op de aarde als “stad van vrede”
dan zouden ook in Afrika alle kinderen naar school gaan.
Dan zou hun recht op onderwijs niet afhankelijk zijn van de verkoop
van een doosje bonbons of een benefietdiner in het rijke westen.

Nu wel… en de crisis doet zich ook daar voelen. 
Ik ben voorzitter van een stichting die probeert in straatarm
Burundi 200 kinderen naar school te laten gaan.
Als de kerken van Westfriesland niet bijspringen
dan moeten kinderen daar hunschoolcarrière afbreken!
Dat zou toch zonde zijn! Precies, dat zou het zijn: Zonde.
Want zonde is alles wat het koninkrijk niet dichterbij brengt…
Zonde is… alles wat ons verwijderd van Jerusjalaïm.

Is de kerk dan helemaal niet gericht op Jerusjalaïm?
Jawel hoor… maar de tekenen van die gerichtheid blijven vaak verborgen.
Waar de kerk zich richt op het koninkrijk van vrede en recht,
zie je haar diaconie actief worden.
Eergisteren meldde zich een moeder met twee kinderen, anderhalf en bijna vier.  
Ze was ten einde raad. Haar man is verdwenen en heeft haar opgezadeld
met de helft van zijn gokschulden. Er wordt een bewindvoerder aangesteld.

Die betaalt elke maand eerst de hypotheek aan de bank,
de rekening van het energiebedrijf,
en lost een deel van de schuld af.
Gevolg?  Een lege koelkast!
Moeder belt met de voedselbank.
Daar kan ze over drie weken terecht.
Als ze uiting geeft aan haar wanhoop, wordt ze doorverwezen…
Moeder is dolblij met het kopje thee dat ze krijgt aangeboden.
De kinderen ontbijten met de biscuitjes die op tafel staan… Waar?
In het kantoortje van de Stichting Hulpverlening vanuit de Westfriese Kerken.

Moeder krijgt wat leefgeld mee, want voor de volgelingen van Jezus,
zijn deze moeder en haar kinderen veel belangrijker dan de bank
en het energiebedrijf….
In ons neoliberale landje halen de graaiers naar geld en macht
hun pegels binnen ten koste van kleine kinderen en alleenstaande moeders.
Het is Godgeklaagd… en doodzonde … maar ook verschrikkelijk waar.
In het diaconale werk, wordt de kerk van Jezus zichtbaar in die samenleving.

Diaconieën en PCI’s ( dat zijn de katholieke diaconieën) hebben in onze
omgeving de koppen bij elkaar gestoken en gezegd: dat doen we samen… en ze
richtten de HWK op en als u daar meer van wilt weten, kom dan dinsdagavond naar
de kerk van Hoogwoud want dan vertelt de HWK u nog veel meer.  

 

Ik sluit af met nog een klein verhaaltje. Ik was met een bijna-diaken uit Andijk
bij de presentatie van een wijkteam. In de pauze dronken we wat.  Zij, de bijna-diaken, bestelde een Rivella.
In de bevestigingsdienst heb ik dat een typische diakendrank genoemd: Rivella…
een beetje gek, maar wel lekker.
Wie in onze samenleving kiest voor de kinderen en niet voor de banken…
Wie eerst gaat voor de menselijkheid en dan pas voor het dividend…
Wie onvermoeibaar gericht blijft op een wereld van recht en vrede
mag zich volgeling van Jezus noemen… Linea recta, Jerusjalaïm.

Ja maar… zegt iemand… Maar wij weten hoe het verhaal afloopt…
En dat is niet best… Getsémané… Paleis van Kajafas … Golgotha.
Mij niet gezien. Geef mij maar m’n veilige comfortabele leventje
achter mijn stalen deur en mijn hoge hek.
Ik gooi af en toe wel iets over de schutting voor de armen.

Maar wie dat zegt heeft het verhaal toch niet helemaal uitgelezen.
Wie dat zegt heeft het dichtgeklapt toen het moeilijk werd…
want dat boek eindigt met paasmorgen… opstanding
het vertelt verder over hemelvaart en Pinksteren. 

Wie zich heeft laten inspireren door de Geest van Christus’
opstandigheid tegen onrecht en geweld, die zal als een diakonoi
een dienaar in het leven staan.

Geef ons oren die horen – de noodkreet uit Afrika
Geef ons ogen die zien –    dat de eurotekens die er instaan ons dreigen te verblinden
Geef ons een hart zo groot, dat het mensen dient.
God geef ons moed nieuwe wegen te zien.

In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.

AMEN