Leven in tweeheid

Gemeente  van onze Heer Jezus Christus  – 
Lieve mensen van God.


Ik ben nooit een groot liefhebber geweest van cowboyverhalen.
Ik las die stripboeken niet en de western als filmgenre
kan me niet echt boeien.
Hoe dat precies komt weet ik niet,
maar het zou wel eens te maken kunnen hebben
met de witte en de zwarte hoeden.
De slechterik in het verhaal draagt altijd een zwarte,
terwijl de witte altijd het hoofd siert van de goeie in het verhaal.

De schrijver van het boek,
de tekenaar van de strip of
de regisseur van de film veetelt je
wie de goeie en wie de slechte is in het verhaal.
Eigenwijs als ik ben, den ik dan:Dat maak ik zelf wel uit.

Je hoeft niet zoveel levenservaring te hebben
om te ontdekken dat het zo simpel niet ligt:
Er is niemand helemaal slecht –
zoals ook niemand helemaal goed is.

Mannen als Anne de Vries en W.G. van der Hulst,
kinderbijbelschrijvers uit de vorige eeuw
hadden er een handje van om bijbelverhalen
volgens dat zwart-wit schema te versimpelen.

Neem nou de tweeling Jacob en Esau.
Jacob de herder, werd getekend als een verfijnde  jonge man,
die ontvankelijk was voor het religieus
gedachtegoed van grootvader Abraham.

Esau daarentegen leefde er maar een eind los.
Jacob zorgde voor de dieren en Esau ging op jacht.
Esau was een brok onverschilligheid,
terwijl Jacob juist het verschil wilde makenn
Esau trok zich van God noch gebod iets aan
terwijl Jacob het verbond met Abraham verder wilde dragen,
totdat de belofte was vervuld: een eigen land en een groot volk.


Wie in het leven al eens een beetje om zich heen heeft gekeken,
die weet dat het onverstandig is de ene persoon of groep als goed en de andere
als kwaad te kwalificeren.

Dat is te simpel…
Zo éénvoudig ligt dat niet… 
Wij mensen leven in tweeheid.
Wij hebben zowel een Jacob als een Esau in ons…
een goede en een kwade kant… een harde en een zachte…

Als je je de levensgeschiedenis van Jacob voor de Geest haalt
dan zie je die beide kanten afwisselend oplichten, maar je ziet ook
dat die kwetsbare, ontvankelijke kant langzaam maar zeker terrein wint.

Al voor ze geboren worden zegt God: de oudste zal de jongste dienen.
Jacob, de jongste, zal de leider zijn!
Dat is tegennatuurlijk, maar juist daarom past het bij God – die is nl niet
natuurlijk… die is tegennatuurlijk. Karl Barth noemt God niet voor niets:
Der Ganz Andere – de totaal Andere.  Hij
is Totaal Anders dan de goden
van de volkeren, want dat zijn natuurgoden; 
Hij reageert totaal anders dan u en ik van nature zouden doen. 

Jacob probeert in eerste instantie op natuurlijke wijze
het leiderschap te verwerven
Jacob troggelt Esau het eerstgeboorterecht af met een bord soep
Jacob maakt misbruik van de blindheid van zijn vader en weet
via een vermomming, de vaderlijke zegen los te peuteren bij Isaäk.

Esau reageert volkomen natuurlijk.
Hij is razend en Jacob  slaat op de vlucht.
De twijfel reist met hem mee…
Deed ik goed aan wat ik deed?
Past dit wel bij die Totaal Andere?
Maar een bepaalde zekerheid is ook reisgenoot…
de zekerheid namelijk dat hij in onzekerheid zal moeten leven
onzekerheid of hij wel krijgt wat hem is beloofd.

Zal deze vluchteling ooit stamvader zijn?
Zal deze Ja akov – bedrieger ooit terugkeren?
Een steen bij Bethel wordt met zalfolie overgoten
teken van verbond, van wederzijdse belofte.

God beloofde zijn opa een land waar het leven goed is
en een volk dat het goede leven mag leven.  
Jacob zal het moeten doen met de hoop
Hij zal moeten leren vertrouwen,
dat die belofte in zijn leven vorm zal krijgen…
vruchtbaar zijn;  talrijk worden.

Hij gaat naar Laban – op hoop van zegen.

Hij – een van twee broers – wordt geconfronteerd met twee zussen.
Rachel is de jongste. Ze ziet er goed uit, maar is uiterst kwetsbaar.
Ze blijkt lange tijd onvruchtbaar te zijn…
Lea, de oudste, niet moeders mooiste,
maar ze baart bij het leven.
Er zit weer veel tweeheid in het verhaal.

Laban geeft Jacob een koekje van eigen deeg,
als hij hem Lea tot vrouw geeft – i.p.v. Rachel.
Labans bedrog brengt Lea tot haar bestemming:
het moederschap: zes zonen en een dochter.

Jacob verwerft  op listige wijze een kudde.
Met Lea,  zijn bedgenote, een groot gezin
Rachel blijkt echter zijn soulmate.
Hij werkt nog 7 jaar voor Rachel.
Als hun liefde vrucht draagt,
laait het verlangen op terug te keren naar veelbelovend land.
Een sterk verlangen naar het land van Abrams droom..
Verlangen naar zijn roots maakt zich van hem meester

Ook hij wil het wagen met die Gans Andere God  
de Eeuwige, de Unieke, de liefdevolle
de  Barmhartige  Erbarmer. 
Met Rachel durft hij! 

Maar ook “durf” en “angst” sluiten elkaar ook niet uit!
Hij vindt de moed om te gaan, maar uit angst
voor Laban  vertrekt hij …  in het geheim.
Er zit nog steeds veel tweeheid in het verhaal.
Het leven is niet zo simpel.
Moet je niet soms …  een list verzinnen,
om je te ontworstelen aan de hardheid van het bestaan.
Moet je niet af en toe eens liegen,
om uiteindelijk het ware verhaal op tafel te krijgen

Jacob kiest voor kwetsbaar leven,  
dat is ten diepste zijn bestemming,
maar elke keuze heeft zijn prijs, ook deze.  
Kwetsbaar leven in het land van belofte
vereist een ontmoeting met Esau.

Vol goede moed gaat hij op weg naar veelbelovend land,
maar intussen knijpt hij hem als een ouwe dief…
Daar ziet Laban hem ook voor aan,
want die mist een paar afgodsbeeldjes.
Rachel besteelt en bedriegt haar vader…
Rachel is een Ja akov – een bedriegster 
Er is sprake van tweeheid
Jacobs soulmate durft het eigenlijk niet aan.

Jacob gaat zijn weg naar Gods veelbelovend land allee.
Hij vertrouwt op God … Hij kiest voor een kwetsbaar bestaan
Dus hij betaalt de prijs…
Hij moet Esau onder ogen komen
Zijn broer in de ogen kijken
Hij ziet er tegenop..
Hij moet er doorheen

Die gang, met de moed der wanhoop
dapper, dwars door eigen angsten heen
is prachtig verbeeld in het verhaal bij de Jabbok
Het is een grensrivier…  de grens van Kanaän
buiten de grens ligt de woestijn.

Het land waar het leven niet gemakkelijk is maar hij kent het…  
weet waar hij aan toe is.
Binnen die grens ligt gevaarlijk veelbelovend land
waar beloftes waar zullen worden als je erop durft vertrouwen.

Hij moet door water heen… Water… Water is in zich een paradox
Het kan dodelijk zijn… je kunt erin verdrinken –
Het is een levensbron, alles is voortgekomen uit water.
We groeiden in vruchtwater
maar pas als water breekt worden we ingeademd
de ruach, de adem, de geest brengt ons tot leven.

Jacob gaat door het doopwater van de jabbok.
Het is een doortocht op leven en dood…
Waar de paradox van het water zich voordoet…
daar is God


Jacob staat voor zijn keuze;
Jacob staat voor wie hij is:
Jacob zegt: IK

Maar er is daar ook die andere IK;
ook die weet van geen wijken.
Die ander wil zijn naam niet zeggen…
Het is alsof die ander zegt:

O.K. Jij heb IK gezegd –
eindelijk neem je je eigen leven,
voor je eigen rekening; inclusief je listen en je streken

Je bent nu volwassen –  je bent mens!  
Je hebt IK gezegd –  Je bent ook vannacht die IK gebleven –
Je hebt open en bloot en zonder enige voorwaarde vooraf
Zonder jezelf of je naam te verbergen om zegen gevraagd –
om de bevestiging van wie je bent… Ja’akov – bedrieger.
En ik zeg je: Je mag er zijn zoals je bent…
Bedrieger die streeft naar Gans Anders

Gedane zaken nemen geen keer… Je bent en blijft Ja’akov.
Toen hij wegliep voor je verantwoordelijkheid,
heb je jezelf het stempel van bedrieger opgedrukt.
Nu je je leven voor je rekening neemt, wordt je door God ontmoet.

Een oud woord voor stempel is “moet”
Hier vindt ont-moeting plaats. Het stempel gaat eraf.
Ja’akov krijgt een nieuwe naam: Israël –
Winnende strijder, die streed met God!

Je hebt gestreden… maar niet langer geharnast,
Je hebt gevochten met je blote handen.
niet langer gewapend, maar in alle kwetsbaarheid
niet langer alleen, maar samen met God
samen met “Ik zal er zijn voor jou!”

Echte ontmoetingen tekenen het leven
Jacob loopt mank aan zijn heup…
maar niettemin gaat de zon over hem op.


Het is maar een klein zinnetje …
Toen hij was overgestoken zag hij de zon opkomen  staat er in de NBV.
De zon gaat over hem op – stond er in de oude vertaling
Dat is mooi, want toen hij het land verliet,
zo wordt er verteld; ging de zon onder en nu hij weer binnenkomt
gaat de zon over hem op.


Zijn hele verblijf van 20 jaren in Padan Aram: een lange nacht!
Een nacht waarin hij IK heeft leren zeggen.
Jacob aanvaardt zichzelf met alle tweeheid
die het leven meebrengt

Jacob, heft zijn ogen op en ziet de ander: Esau.

Ze vallen elkaar om de hals.
Twee personen lijken even een!
Ze kussen elkaar en wenen…

Tranen –paradoxaal  water – tranen van verdriet en geluk
verdriet om de jaren die vervlogen zijn…
geluk om het weerzien.

En nu… is Kanaän dan nu eindelijk droomland?
Nee hoor… het leven moet in tweeheid geleefd worden
elke generatie moet weer opnieuw aan de slag om mens te worden…

Is God daarvoor nodig?
Niet per se, maar als je iemand zoekt, die jou uitdaagt tot zinvol,
verantwoordelijk leven… is Hij de ideale partner op je levensweg. 

Moet je daar gelovig voor zijn? Nee, maar helpt wel!

Moet je daarvoor lid van een kerk zijn? Je moet niks, maar
met een beetje geluk tref je daar gelijkgestemden,
mensen met dezelfde idealen

Volhouden is een sleutelwoord! Nooit opgeven. Altijd weer opnieuw proberen
In het lucas verhaal is er die rechter,
die uitspraken doet zonder zich echt te engageren…
een rechter die Oost-Indisch doof blijft voor de klacht van de weduwe
en zo het onrecht laat voortbestaan.

De weduwe houdt vol!  De weduwe geeft niet op.
Zij zegt IK en dwingt die rechter ertoe dat uiteindelijk ook te doen.

Hoort u bij de volhouders,  bij de nooit-ophouders,
bij de altijd weer opnieuw probeerders ? 
Ja? Mazzeltov – gelukgewenst! 

Dat het zo mag zijn
AMEN.