DE NAAM

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,
Lieve mensen van God.


We waren allebei gekomen om een nogal prominent lid
van de protestantse gemeente van Hoorn-Zwaag-Blokker
de laatste eer te bewijzen. De kerk liep vol.
Ik schoof een rij in.Zij zat er al.
“Bevalt het emeritaat u een beetje?”vroeg ze.
Ik keek opzij. Een vaag bekend gezicht – dat wel!  
Ik antwoordde: “U weet meer van mij, dan ik van u.”
“Ik ben voorzitter van die en die kerkenraad,” zei ze.
“Ik was ooit uw ouderling van dienst.”
De familie kwam binnen.
We stonden op.
Hoe de dame heet waarmee ik de liturgie deelde?
Geen idee! Ik keek in één boekje met…
“de voorzitter van een kerkenraad.”

De naam van de overledene
klonk in de dorpskerk.
Bij het horen van die naam
zag ik hem voor me, zoals ik hem kende.
Het noemen van zijn naam
bracht mijn gedachten bij de man
waarvoor ik gekomen was:
Voor Theo… en voor Els,
zijn weduwe.

Je naam. Het is maar één woord.
Wel een bijzonder woord…
Zijn naam staat geschreven in de palm
van Gods hand, zei de dominee.

Noem een naam…
en zie er komt je een mens voor ogen.
Noem een naam…
en de herinneringen komen boven…

Op mijn werkkamer staat een foto
De functie van die man was: kerkrentmeester
in Zeevang, een van de gemeentes waarin ik werkte.

Vorige week zondag ging ik er weer eens voor in de dienst.
Ik noemde daar zijn naam… Herman heette hij. Herman Koole.
Als je iemand bij name noemt, komt iemand tot leven.
Verhalen komen los… Herman, dat was de man van het klokkentouw…
Op de grote kruiskerk van Oosthuizen staat een vierlingtoren.
Het staat dus op de kruising van schip en zijvleugels.
In die vierlingtoren bevindt zich ook de luidklok
Het klokkentouw hangt in de kerk.
Herman luidde de klok in een
dienst waar veel kinderen
waren. Ze kwamen
helpen natuurlijk
en toe brak
het touw.
Wat hebben we toen gelachen!

Wie een naam noemt, roept verhalen op.
Wie een naam noemt, roept een mens tot leven.
Als je een naam noemt richt  je aandacht zich
naar de mens, die je meedraagt in je hart.
U heedt ongetwijfeld uw eigen voorbeelden.

Zo  gaat het ook op deze zondag.
Nu overal de namen klinken van degenen
die gestorven zijn: Eeuwigheidszondag.
Aandacht voor hen die we meedragen in
ons hart. U deed dat op de zondag na
Allerheiligen heb ik begrepen.

Vrijdag voor twee weken, sprak ik bij het afscheid
van een Andijker. Die man kon zich bij woorden als
hemel en hiernamaals helemaal niets
voorstellen.  
“Dood is dood!”
was zijn conclusie…  

Ook zijn foto staat op de plank. Ook zijn naam roept verhalen op.
Ik heb zijn familie en vrienden gevraagd: “Laat jouw hart zijn hemel zijn…”
En waar je hart vol van is, laat daar je mond van overlopen. Want dood ben je
pas, als niemand je naam noemt. Als je door niemand wordt gekend, vergeten bent
en dan te bedenken dat mensen soms worden prijsgegeven aan vergetelheid terwijl
ze nog op aarde zijn. Dan is het leven een hel…

“Dood is dood,” zei Rob – dat is de naam van die Andijker – toen ik hem opzocht
in het Anthony van Leeuwenhoek. Rob had op dat punt wel zo een Sadduceeër
kunnen zijn. Gelukkig had Rob meer respect voor de opvattingen van anderen, dan
die Sadduceeen, die Jezus een buitengewoon rare vraag voorleggen…

Ze construeren een absurde situatie en willen een algemeen geldend antwoord.
Een antwoord dat je kunt toepassen op andere situaties.
Ze willen weten hoe het zit… volgens deze rabbi.

Jezus gaat er niet op in.
Hij wuift al dat formele gedoe over trouwen en uitgehuwelijkt worden weg.
Die dingen zijn belangrijk voor de kinderen van de wereld,
die een samenleving inrichten onder de zon.
Daar is op zichzelf niks mis mee, maar als
het over opstanding gaat, dan hebben
we het niet over daarover, maar
over Gods koninkrijk.

Nee, niet alleen over het hiernamaals.
Het gaat minsten ook over je leven hier en nu.
Je hebt deel aan de opstanding als je hier en nu al leeft…
als was Gods koninkrijk gekomen.

Wetten en regels en beslommeringen als trouwen en uitgehuwelijkt worden,
zijn uiteindelijk niet bepalend voor de kwaliteit van je bestaan.
Zelfs de dood speelt daarin een ondergeschikte rol.
We mogen hier al leven als engelen, zegt Jezus
als angelos,  boodschappers van de Heer.
We mogen hier en nu leven als mensen
die door hun manier van er-zijn,
Gods boodschap zichtbaar
maken in deze wereld.

Die mensen dat zijn wij, degenen die nu de aarde bevolken,  
maar ook de mensen die voortleven in onze harten,
de mensen waarvan we foto’s op de plank zetten.
Dat zijn de mensen waar onze mond
van overloopt, omdat ons hart er vol van is.

“Deel hebben aan de opstanding” is dus iets heel anders dan
“een plek veroveren in het hiernamaals”
Deel hebben aan de opstanding
bevestigt de kwaliteit
van je bestaan…

Deel hebben aan de opstanding is, deel hebben aan eeuwig leven.
en daarbij is “eeuwig” is geen kwestie van ongelimiteerde tijd,
maar van ongelimiteerde kwaliteit. Eeuwig leven doe je hier…
en dat “eeuwig leven,” dat kwaliteitsleven is dan ook
niet stuk te krijgen… zelfs niet door de dood.

De Eeuwige – zijn naam zij geprezen – 
doet zijn naam eer aan.
“Ik zal er zijn voor jou!”
luidt die naam…
en die naam klinkt
voor het eerst
vanuit die braambos…
die groeit voorbij het steppelandschap,
in oudere vertalingen stond: achter de woestijn.

Wie – met de mentaliteit van een herder, zoals Mozes –
door de woestijnen van het leven trekt,
komt daar uit… Bij de braambos die brandt met hemels vuur
Wie, omziend naar de medemens, de hitte ervaart,
wie de droogte van het bestaan doorstaat,
komt uit op een heel bijzondere plek…
Je betreedt heilige grond
en daar…
in de oorverdovende stilte
van de levenswoestijn
klinkt Gods naam:
Ik zal er zijn.
Die naam klinkt altijd in relatie tot mensen…
Ik zal er zijn… voor jou –
Ik zal er zijn voor jullie.
Om het relationele karakter van de GODSNAAM nog eens te onderstrepen
worden er namen van mensen bij genoemd…
We zien ze voor ons:  

Abraham –  Ik zal er zijn voor jou, zoals
ik er ben voor Abraham… 
Die naam roept verhalen op: 
Trek weg uit je land
en je maagschap.
Uittoch uit de banden van familie en nationalisme

Izaak        –  Ik zal er zijn voor jou, zoals ik er ben voor
Isaäk, Die naam roept beelden op. 
Ik zie hem liggen op dat altaar en ik hoor die stem roepen: Niet doen!  

Jacob     –    Ik zal er zijn voor jou, zoals ik er ben voor Jakob
                  Die naam roept dubbele gevoelens op… 
                  Slimmerik of aartsbedrieger… handige bliksem of fraudeur
                 Ik zie hem voor me… in gevecht met ..Ach u weet wel bij de Jabbok. 


God kent zijn mensen bij name… Abraham, Isaäk, Jacob.
Maar ook Mozes wordt bij zijn naam geroepen.
En Maria en Jozef en Jezus…
God kent zijn mensen bij name…
Hij vraagt niet: Wie ben je ook weer? Hoe is ook weer je naam?
De namen van zijn mensen staan geschreven in de palm van Gods hand.

Zolang wij de rechtvaardigen, de verschoppelingen,
de slachtoffers van die stormen op de Filippijnen en op Sardinië
bij hem in herinnering roepen; zo lang wij de namen noemen van onze geliefde
overledenen, zal Hij zeggen: JA, die ken ik. Natuurlijk ken ik die, want die
leeft. Dacht je dat hij dood was? Waarom noem je dan zijn naam?

Ik ben een God van levenden, weet je…

De mens die God in gedachten houdt, die leeft!
Die zin kun je op twee manieren lezen…
De mens die God in gedachten houdt, die leeft!
Je kunt die zin lezen als:

De mens die door God in gedachten wordt gehouden, die leeft!
Als God jou niet vergeet, dan leef je…

Je kunt het ook lezen als:
De mens, die denkt aan God,
De mens die God in zijn gedachten betrekt.
De mens die God betrekt bij wat hij zegt en doet,
die mens leeft! Die leeft pas echt! Die leeft met grote kwaliteit
Die mens heeft deel aan eeuwig leven!
Dat zijn de opstandige mensen, dat zijn de opstandelingen,
degenen die opstaantegen onrecht en verdrukking,
die opkomen voor de armen…

Ziet u… opstanding is iets anders dan leven na de dood
Opstanding is… leven met God aan beide zijden
van de grens die wij “de dood” noemen.
Iedereen die een geliefde meedraagt
in zijn of haar hart, weet immers
dat het afscheid niet
definitief is.

Opstanding wil zeggen: God houdt de namen van de levenden in gedachtenis…
en in zijn Geest, doen wij dat ook… ons hart mag hun hemel zijn. 

AMEN .